Synopsis of the Gospels
Compare similar Bible verses (Het Boek):
Matthew 14
Jezus loopt over het water
22 Hierna zei Hij tegen zijn leerlingen dat zij met de boot moesten overvaren naar de andere kant van het meer. Hij zou komen wanneer Hij de mensen zou hebben weggestuurd.
23 Toen iedereen weg was, ging Hij alleen de berg op om te bidden.
24 Het werd donker en de leerlingen waren al ver op het meer. Zij kwamen niet erg vooruit door de harde tegenwind en de hoge golven.
25 Tegen het eind van de nacht liep Jezus over het water naar hen toe.
26 Zij schreeuwden van angst en dachten dat het een spook was.
27 Hij stelde hen gerust. ‘Wees maar niet bang, Ik ben het.’
28 Petrus riep: ‘Here, als U het werkelijk bent, zeg dan dat ik over het water naar U toe moet komen!’
29 ‘Kom maar!’ riep Jezus.
30 Petrus stapte uit de boot en liep over het water naar Jezus toe. Maar hij besefte ineens dat er een heel harde wind stond. De schrik sloeg hem om het hart en hij begon te zinken. ‘Here, help mij!’ schreeuwde hij.
31 Jezus stak hem zijn hand toe en trok hem uit het water. ‘Och, twijfelaar,’ zei Hij, ‘waarom heb je zo weinig vertrouwen in Mij?’
32 Zodra zij in de boot stapten, ging de wind liggen.
33 De anderen bogen zich vol ontzag voor Jezus neer. ‘U bent werkelijk de Zoon van God!’ zeiden zij.
Mark 6
Jezus loopt over het meer
45 Hierna zei Jezus tegen zijn leerlingen dat zij vlug moesten overvaren naar Betsaïda. Hij zou later komen, wanneer Hij de mensen zou hebben weggestuurd.
46 Toen iedereen weg was, ging Jezus de berg op om te bidden, alleen.
47 Om een uur of drie ʼs nachts waren de leerlingen nog maar midden op het meer.
48 Jezus zag hoe zij tegen de wind in moesten roeien. Hij liep over het meer naar hen toe en stond op het punt hen voorbij te gaan.
49 Zij schrokken vreselijk en dachten dat ze een spook zagen. Zij schreeuwden van angst.
50 Jezus kalmeerde hen meteen. ‘Ik ben het,’ zei Hij, ‘wees maar niet bang.’
51 Hij stapte bij hen in de boot en de wind ging liggen. De leerlingen waren met stomheid geslagen. Hier konden ze niet bij.
52 Want ze begrepen nog steeds niet wie Hij was. Zelfs niet na het wonder met de broden dat ze ʼs avonds hadden gezien.
John 6
15 Omdat Jezus merkte dat de mensen Hem wilden dwingen hun koning te worden, ging Hij alleen de bergen in.
16 Bij het vallen van de avond daalden zijn leerlingen de berg af en kwamen bij het meer.
17 Toen het al donker was en Jezus nog steeds wegbleef, gingen zij in een boot en staken over naar Kafarnaüm.
18 Plotseling begon het vreselijk te waaien en kwamen er hoge golven op het meer.
19 Nadat zij ongeveer vijf kilometer geroeid hadden, zagen zij Jezus over het water lopen. Hij kwam naar hun boot toe. Zij werden bang,
20 maar Hij zei: ‘Ik ben het! Jullie hoeven niet bang te zijn.’
21 ‘Kom aan boord,’ zeiden ze. Even later legden zij in Kafarnaüm aan.