مزمور 120

الكتاب المقدس

من Biblica
1 صَرَخْتُ إِلَى الرَّبِّ فِي ضِيقِي فَاسْتَجَابَ لِي. 2 نَجِّ نَفْسِي يَا رَبُّ مِنَ الشِّفَاهِ الْكَاذِبَةِ وَاللِّسَانِ الْمُنَافِقِ. 3 أَيُّ نَفْعٍ يَأْتِينِي مِنَ اللِّسَانِ الغَشَّاشِ؟ 4 إِنَّهُ كَسِهَامِ الْجَبَّارِ الحَادَّةِ وَكَالْجَمْرِ الأَحْمَرِ الْمُلْتَهِبِ. 5 وَيْلِي لأَنِّي تَغَرَّبْتُ فِي مَاشِكَ، وَسَكَنْتُ فِي خِيَامِ قِيدَارَ. 6 طَالَ سَكَنِي مَعَ أُنَاسٍ يُبْغِضُونَ السَّلامَ. 7 أَنَا رَجُلُ سَلامٍ، وَكُلَّمَا دَعَوْتُ إِلَيْهِ هَبُّوا هُمْ لِلْحَرْبِ. 

مزمور 120

Het Boek

من Biblica
1 Een bedevaartslied. Toen ik in nood zat, riep ik naar de HERE en Hij gaf mij antwoord. 2 HERE, neem mij in bescherming tegen de leugenaars! 3 Leugenaars, wat denkt u van Hem te kunnen verwachten? 4 Pijlen van een scherpschutter en brandend hout van de bremstruik. Dat doet pijn. 5 Ik vind het zo erg dat ik in een onbekend land moet verblijven en moet wonen bij een ver en vreemd volk. 6 Ik woon al veel te lang tussen deze mensen die zelfs vrede haten. 7 Zelf ben ik altijd op vrede uit, maar als ik daarover spreek, worden zij opstandig en willen zij vechten.