Schließen
BibleServer is a donation based project by ERF Medien. 25 € will help us to secure next years funding.
Help

Het Boek

1 Een leerzaam gezang van de Korachieten voor de koordirigent.
2  God, onze ouders hebben ons steeds weer verteld hoe U in de geschiedenis met ons volk hebt gehandeld. Wij hebben het zelf gehoord.
3  Eigenhandig hebt U de volken weggejaagd en hen in het land gezet. U hebt andere volken verdrukt en hen alleen maar groter laten worden.
4  Zij hebben echt niet zelf het land veroverd; noch hun zwaard, noch hun lichamelijke kracht heeft hen bevrijd. Uw kracht en Uw zorg hebben dat gedaan, omdat U hen liefhad.
5  God, U bent mijn Koning; zorgt U toch voor de verlossing van Uw volk!
6  In Uw kracht vellen wij onze tegenstanders en in Uw naam lopen wij hen die tegen ons in opstand komen onder de voet.
7  Ik vertrouw niet op mijn boog en verwacht geen verlossing van mijn zwaard.
8  U hebt ons bevrijd van onze vijanden; hen die ons haten, hebt U voor schut gezet.
9  Wij beroemen ons voortdurend op onze God; Uw naam zullen wij altijd prijzen.
10  Toch hebt U ons weggestuurd en voor spot gezet. U bent niet meegegaan met onze legers toen die optrokken.
11  U zorgde ervoor dat wij voor onze vijanden moesten wijken; zij konden alles bij ons plunderen.
12  U hebt ons overgeleverd als vee dat wordt geslacht. Wij zijn onder andere volken verdeeld geraakt.
13  U hebt Uw volk voor een spotprijs van de hand gedaan; van dat geld bent U niet rijk geworden.
14  Onze buren roddelen over ons; U hebt ons bespottelijk gemaakt voor hen die rondom ons wonen.
15  Wij zijn spreekwoordelijk geworden voor andere volken; zij kijken hoofdschuddend naar ons.
16  Dag in, dag uit denk ik aan mijn schande; ik durf mij niet meer te vertonen
17  vanwege de woorden van de roddelaars en de blikken van mijn vijanden en hen die op wraak uit zijn.
18  Ondanks dit alles hebben wij U niet vergeten. Ook hebben wij het verbond met U nooit ontkend.
19  Ons hart bleef op U gericht; wij bleven op het rechte pad.
20  Desondanks hebt U ons wel eens op gevaarlijke plaatsen gebracht en tastten wij soms geheel in het duister.
21  Als wij Uw naam hadden vergeten en vreemde goden vereerd zouden hebben,
22  zou God dat immers altijd merken? Hij kent immers elke uithoek van het menselijk hart?
23  Werkelijk, terwille van U worden wij de hele dag gedood. Men beschouwt ons als schapen op weg naar het slachthuis.
24  Word wakker! Waarom slaapt U, Here? Word toch wakker! Laat ons toch niet meer in de steek.
25  Waarom keert U ons de rug toe? Waarom trekt U Zich onze ellende en moeiten niet aan?
26  Wij stellen zelf niets meer voor en liggen hulpeloos op de grond.
27  Sta op, Here, en help ons; bevrijd ons terwille van Uw goedheid en liefde.
© 2016 ERF Medien